ADHD- en Autisme centrum Westfriesland

Autisme

 Voorbeeld 1

Anne is een wereldvreemd meisje. Als kleuter zat zij wiegend in een hoekje. Zij begon laat te praten en maakte haar eigen woorden. Ook had zij de neiging om woorden te herhalen. Toch waren er in de peutertijd niet veel problemen met Anne. Intuïtief hadden haar ouders zich al behoorlijk ingesteld op haar eigenaardigheden. De echte problemen ontstonden pas toen Anne naar school moest. Toen bleek zij zich nauwelijks te kunnen aanpassen aan de groep en weinig begrip te hebben voor wat er in anderen omging. Zij ontwikkelde driftbuien waar duidelijk angst achter zat.

Voorbeeld 2

Willem is een aardige jongen, maar wel een beetje vreemd. Als je hem hoort praten, lijkt het alsof je een volwassene hoort. Hij gebruikt geen kindertaal en wat hij vertelt, gaat ook niet over kinderonderwerpen. Willem praat bijvoorbeeld graag over dinosaurussen of batterijen. Als hij over dergelijke thema’s begint, kom je ook haast niet meer van hem af. Willem heeft weinig interesse in vriendjes. Hij speelt het liefst alleen. Aan gymnastiek heeft hij een hekel. Emotioneel gezien gedraagt Willem zich als een veel jonger kind.

Voorbeeld 3

De ouders van Michel wisten eigenlijk al vlak na de geboorte dat hij anders was dan zijn broer en zus. Michel strekte nooit zijn armpjes uit als zijn ouders boven de wieg stonden. Ook vermeed hij oogcontact. Hij kon uren achter elkaar huilen en wat ouders ook deden, Michel was niet te troosten. Elke keer als zijn moeder hem oppakte spande hij zijn hele lijf. Michel hield niet van knuffelen. Inmiddels is Michel 9 jaar. Hij houdt nog steeds niet van knuffelen en heeft liever geen lichamelijk contact. Hij heeft geen vriendjes in de buurt of in de klas. Hij speelt wel eens samen met anderen maar hij bepaalt dan hoe en wat er gespeeld wordt. Michel vraagt anderen zelf eigenlijk nooit om te spelen. Als hij in een groepje speelt, gaat het altijd mis en eindigt het spel in een enorme boze bui. Michel kon toen hij 5 jaar was al hele encyclopedieën lezen. Aanvankelijk vonden zijn ouders dit heel bijzonder en stimuleerden zij dit lezen ook. Zijn ouders vinden het nog steeds bijzonder, maar nu op een andere manier: Michel lijkt wel verslaafd aan lezen en aan het opnoemen van alle feiten die hij in de encyclopedie heeft gelezen. Hij let eigenlijk niet goed op of er wel iemand naar hem luistert en of iemand al die informatie wel wil horen. Hij kan niet stoppen en het belet hem om allerlei andere dingen te doen. Michel vindt het moeilijk om nieuwe dingen aan te leren, maar als hij het eenmaal aangeleerd heeft, kan hij er ook erg star aan vasthouden.